Schager Nachtvlinders: Have Yourself A Merry Little Christmas…

Misschien wel het mooiste kerstliedje uit de dagen dat de radio in elke woonkamer pronkte en de TV nog niet was, is de Jazz song “Have Yourself A Merry Little Christmas” (vert. Gun jezelf een gelukkig klein kerstfeest.). De oorspronkelijke uitvoering is met zangeres-actrice Judy Garland voor de bioscoopfilm “Meet Me in St. Louis” uit 1944. En die versie is misschien nog altijd de meest geslaagde. Er hangt een nostalgische mist over de muziek. Alsof deze nog altijd uit een radio komt. En Garland zingt dit liedje met een zekere voornaamheid. En toch ook met heel veel gevoel waar innige rust vanuit gaat.

Die innige rust sprak mij altijd bijzonder aan. Want het lijkt te gaan over het kleine innerlijke geluk in het hart van het eigen zelf (“Let your heart be light”). Van iemand die met kerst wegdroomt, mijmerend over al die kerstfeesten van de voorbije jaren (“Once again as in olden days, happy golden days of yore”). Van iemand ook die zich even wil afsluiten van alle zorgen (“Next year all our troubles will be miles away”). Er zijn ook anderen aanwezig, maar vooral als een herinnering aan een innige band van vriendschap: de trouwe vrienden die ons opnieuw dierbaar zullen zijn (“Faithful friends who were near to us, will be dear to us once more”). Of weer heel anders gezegd: kerst verschijnt in dit liedje als een nostalgisch ritueel dat opnieuw (“once again, once more”) gestalte krijgt en een kleine innerlijke transformatie teweeg brengt, tenminste wanneer je dat toelaat en het jezelf gunt.

Het leek me altijd een kerstliedje voor introverte mensen zoals ik zelf. Heel geschikt om bij weg te dromen en te mijmeren over de schoonheid van kerst, de warme gevoelens, de gouden dagen van weleer (“Happy golden days of yore”). Een ideale binnenwereld die doorgaans niet aansluit bij de werkelijke buitenwereld. Ziedaar het probleem van de introvert.

Nu heeft de introverte mens de laatste jaren een opwaardering ondergaan. De stille, wat teruggetrokken, vaak verlegen en sociaal vaak wat merkwaardige mens kon de laatste tien jaar ineens op hulp en begrip rekenen uit de hoek van de populaire psychologie. Om een aantal titels te noemen: “Introvert: De voordelen van jezelf zijn in een extraverte wereld”. “Notities van een introvert: Voluit leven als introvert, op je eigen, stille manier”. “Stille kracht: de geheime voordelen van introvert zijn”. Die hulp en dat begrip wordt verondersteld nodig te zijn, want de introvert verkeert in een zeer luidruchtige westerse samenleving die uitgesproken extravert is en die ertoe leidt dat de introvert zich voortdurend moet aanpassen. Hij moet telkens een sociale inspanning van formaat leveren om zich enigszins geaccepteerd te voelen door de anderen.

Nu las ik een leuk essay van Dave Schut in de NRC over dit onderwerp. Hij voelt wel sympathie voor de introvert, want hij beschouwt zichzelf ook als introvert. Toch slaat hij naar aanleiding van een opmerking van de comédienne Jo Sunday een andere richting in. Hij merkt op dat de introvert in het sociale verkeer in feite lui en gemakzuchtig is. Want de sociale inspanning is voor de extravert niet minder dan voor de introvert.

Maar waar de extravert moedig is en blijft proberen, daar haakt de introvert af en trekt zich terug in zijn schulp. Ik citeer het einde van het essay:
“Terecht heeft Sunday het over risico nemen. Menselijk contact zit vol met risico’s, omdat het per definitie rommelig is. De introvert weegt ieder woord alsof hij een brief schrijft terwijl hij een gesprek voert, waar andere wetten gelden. Het draait juist om gezamenlijke improvisaties, om misverstanden en die weer ophelderen, om jezelf blootgeven zonder vooraf te weten wat dat zal opleveren. Alleen als je je daaraan overgeeft, kan vluchtig sociaal contact zich verdiepen tot een vorm van intimiteit.”

In Griekenland (AJ: de auteur verwijst naar een vakantie met de schoonfamilie) besefte ik dat mijn houding geen onvermijdelijkheid was, maar een besluit, en dat ik met dat besluit de ander op afstand hield. Dit betekent niet dat deze neiging ineens verdween, ik heb ‘m nog steeds. Maar het is niet langer een gegeven, het is een automatisme waartegen ik in opstand kom.

Dat de extraverte samenleving wat meer haar best kan doen om rekening te houden met de introverte mens, is waar. Maar dat ontslaat de introvert niet van de plicht om wat vaker te oefenen met praten.

Het leek mij niet onaardig om het voornemen van deze auteur mee te nemen naar het kerstdiner van dit jaar. Wanneer jullie aanzitten rondom een feestelijk aangeklede tafel waarop het kerstdiner gepresenteerd zal worden, vraag je zelf dan af of deze bijzondere bijeenkomst voor jou een grote sociale inspanning is of een kleine? En of het tegemoet komt aan je verwachtingen of eigenlijk een teleurstelling is? Ben je introvert of extravert? En hoe zit dat met de anderen met wie je bent? En help elkaar dan bij de communicatie en denk dan aan het einde van dat liedje:

“Some day soon we all will be together
If the fates allow
Until then we have to muddle through somehow
And have yourself a merry little Christmas now…”

Vertaling:
Op een dag, niet al te ver weg, zullen we allemaal bij elkaar zijn als onze lotsbestemming het toestaat.
Tot die tijd zullen we ons er op één of andere manier doorheen moeten modderen, niettemin gun jezelf een gelukkig klein kerstfeest NU…